herbestemming Bastille van Piet Blom tot activiteitengebouw voor studenten

De Bastille van architect Piet Blom op de campus van de universiteit Twente is een typisch voorbeeld van het structuralisme uit de jaren ‘60. Het gebouw bestond uit een gesloten gevel en daarbinnen bevond zich een labyrint van donkere ruimtes met 16 verschillende niveaus over 3 bouwlagen. Als onderdeel van het nieuwe masterplan van Jan Hoogstad voor de campus diende het gebouw herbestemd en flink verbouwd te worden.

Twee nieuwe, duidelijk zichtbare entrees van glas openen het gebouw aan weerszijden. Ze worden verbonden door een atrium, dat ook dienst kan doen als poppodium voor ca. 1000 personen. Veel ruimtes hebben daglicht gekregen en functioneren als kantoor voor studenten organisaties en de administratie. De van daglicht verstoken ruimtes zijn herbestemd tot ontmoetingsruimte. Door deze ingrepen is de Bastille wederom de levende stad geworden zoals Piet Blom het had bedoeld.

Om alle nieuwe functies in het gebouw onder te brengen en de verkeersstructuur helder en veilig te maken, moest de indeling van het gebouw grondig worden herzien.

Toch is er naar gestreefd het karakter van de Bastille zoveel mogelijk te bewaren. De structuur van kolommen en balken blijft uiteraard beeldbepalend in het interieur. Typische pui-indelingen, zoals rond de vide naar de borrelruimte, zijn ‘verpakt’ in een nieuwe brandwerende pui. De speakerscorner, een typisch structuralistisch ‘openbaar plein’ binnen het gebouw, was helaas te donker en teveel ingericht om nog goed te kunnen functioneren. Als moderne vertaling van het oorspronkelijk concept is een ontmoetingsplek in de vorm van een atrium ontworpen. Via het atrium worden de omliggende ruimten voorzien van licht en lucht en ontstaat er een visuele relatie tussen de verschillende verdiepingen en functies in het gebouw. Met houten vouwwanden kan het atrium worden getransformeerd tot een afgesloten zaal voor diverse evenementen zoals grote studentenfeesten en concerten.